Roeiend op de Oosterschelde

Twee tochten op de Oosterschelde

Eerste verkenning Oosterschelde met Razende Bol

(door Cees Korstanje)

Woensdag 15 juli eindelijk weer ‘groot water’ op en de eerste grote tocht met de nieuwe DCR-boot ‘Razende Bol’. De boot was door Henk Boot en kompanen bij de RV Alphen opgeknapt en uitgerust à la ‘Noorderhaaks’; Cees Leenheer had mooie tochten voorbereid en Jan Hazebroek deed z’n best om een ploeg samen te stellen. De bemanning bestond uit alle hiervoor genoemden plus Marie-Louise Seelen en ondergetekende (Cees Korstanje).

De boot was vroeg in de morgen in Alphen gereed gemaakt door Henk en Jan en naar de Roompot Marina helling bij Kamperland op Noord-Beveland gereden, waar de boot ook na de tocht opgeborgen zou worden. De andere bemanningsleden kwamen ieder op eigen gelegenheid. Na koffie bij het restaurant, wat eigenlijk nog niet open was, vertrokken we zo’n 4 uur voor HW rond 10.30. Het was half bedekt weer, ca 17˚C en 1-2 Bft. We voeren de haven uit in noordelijke richting naar de eerste wisselstop: Burghsluis. Met op BB de machtige pijlers van de Oosterscheldedam en mak water was het eerst wennen aan de nieuwe boot: evenwicht zoeken is lastiger dan met de ‘Noorderhaaks’, zeker als je dwars op het tij vaart. Het tij merk je niet, maar wel de golven. De boot kan wel lekker vaart maken. Onderweg zagen we verschillende mosselpercelen, gemarkeerd met dunne palen of stokken en nieuwerwetse ‘hangculturen’ gemarkeerd met steviger palen en meestal een gele topkleur.

PlompetorenKoersend langs Neeltje Jans op de boeien en de ‘Plompetoren’ op Schouwen was het gemakkelijk varen naar Burghsluis (ong. 1½ u), waar we de eerste wissel deden. Daarna de kust van Schouwen volgen met het tij mee in de vaargeul met de rode boeien aan SB, kalm weer en wat bedekt. Niet echt zeehondenweer dus, maar zo af en toe dook er toch een koppie op. We koersten met wat tegenliggers, meest zeilboten en een rondvaartboot en met aan SB een mosselboot bij Serooskerke, langs de Roggenplaat na boei H8 richting een klein schelpeneiland wat met HW nog een halve meter boven water steekt. Van afstand is dat net een ‘bounty eiland’ en we zagen dat een motorbootje er had aangemeerd. We deden hetzelfde en genoten van het mooie 360˚ uitzicht. Met de wat dreigend wordende bewolking en wat toegenomen wind tot ca 3 Bft een prachtig schouwspel!

Weer gewisseld en wat gegeten en gedronken, vertrokken we naar de volgende stop: Zierikzee, met z’n karakteristieke ‘onvoltooide domtoren’ die dominant in het landschap staat en als baken erg nuttig is. De bui ging vallen, maar was niet zo hevig en maar kort; dus drogen onder het roeien was gemakkelijk. De steviger (half-tegen) wind vertaalde zich in minder vaart, waardoor dit toch een eind varen was. Vlak voor de steeds groter opdoemende Zeelandbrug over BB met ruime bocht het kanaal in naar Zierikzee was het tij al aan het keren en hadden we al wat tegenstroom. We konden aanleggen bij de daghaven/havenmeester waar zich een gezellige restauratie bevindt. Rond 2 u aan een heerlijke vissoep als lunch en met een prachtig uitzicht op in- en uitgaand scheepvaartverkeer was dit een mooie pleisterplaats.

Aan de vissoep in ZierkikzeeDan na de volgende wissel het kanaal weer uit met afgaand tij en ZW de Oosterschelde weer op, koersend op windmolens op Noord-Beveland, over de ‘Schaar van Colijnsplaat’. Hier lieten we een mosselcultuur, aangegeven met dikke palen met gele topkleur, aan SB en voeren iets meer op Colijnsplaat aan (te herkennen aan de masten in de haven). Met de nog wat verder opgestoken wind tot ca 4Bft gaf dat stevige golven tegen, die het voordeel van het tij tenietdeden. Het werd een stevig stukje roeien en zo af en toe moeite om de boot stabiel te houden. De kustlijn van Noord-Beveland gleed tergend langzaam langs BB met max 6 km/u.

Na de laatste wissel werd besloten om dichter op de kust te gaan varen (ca 250 m) omdat daar het water rustiger was. Daar kregen we wat meer vaart en zagen we weldra de tonnen van de kitesurfermarkering en daarna de vakantiehuisjes op palen op het strand. Nu was de Marina vlakbij en konden we de masten van de schepen in de haven zien en binnen varen om ca. 5 u. De helling was nu wegens bijna LW wat gladder en we stonden in de modder, maar de boot was goed op de wagen te trekken met de lier en werd met de auto naar z’n stalplek gereden (ca. 500 m verder). Een enkeling wilde douchen bij het kantoortje van de havenmeester en de rest trok meegebrachte kleding aan bij de auto (gratis parkeren hier!) en de dag werd besloten met een gezamenlijke maaltijd op het terras van het restaurant, waarbij de ‘fish&chips’ favoriet was. Een gezellige en welbestede dag op het water die vraagt om vervolg!!

Jozef en Maria op de Oosterschelde.

(door Cees Leenheer)

Op 1 augustus roeiden we ons tweede rondje rond de Roggenplaat. Goed gemutst startten we onze tocht vanaf de Roompot Marina. De Razende Bol lag dichtbij op de jachtwerf, 500 meter van de haven. Jan en Hans hadden de boot inmiddels opgehaald. Een kop koffie vooraf lukte niet. Het restaurant was nog gesloten, omdat de schoonmaakploeg de nacht daarvoor niet was komen opdagen. Wachten op koffie was geen optie want het tij wachtte niet.

Omdat de mosselzaad vang installatie (MVI) aan de overkant niet zichtbaar was door het wat heiige weer voeren we een kompaskoers gecompenseerd voor stroom. De palen rond de MVI doemden uiteindelijk op. Bij aankomst bleek dat de MVI was verlegd in westelijke richting. Na de MVI voeren verder in noordelijke richting over de Neeltje Jansplaat, er stond voldoende water. Vanuit het oosten zagen we dat veel zeilers onderweg waren naar Burghsluis. Via de telefoon vroegen we de havenmeester naar een geschikte plaats voor een Wisselplek voor maar een kwartier. We waren niet welkom zelfs niet op de meest nederige plaats met te weinig diepgang voor een jacht. De havenmeester verwees ons naar een strandje net buiten de haven. Op zich geen verkeerde plaats bij de heersende westenwind, ook met wind uit noordelijke richting een geschikte wisselplek. En ook handig om te weten bij volgende tochten!

Na de tocht door naar de Schelphoek, het stroomgat dat tijdens De Ramp van 1953 is ontstaan. Er liggen nog caissons die dienden als hulp bij de afsluiting van de laatste dijkdoorbraak. We ontdekten nog een trailerhelling: handig voor het geval we niet welkom zijn in Burgsluis.

Op de schelpenbultDoor naar de beloofde schelpenbult. Die is er nog steeds maar is door de winterstormen een stuk kleiner geworden; zeker met hoogwater steekt hij maar nauwelijks boven water uit. Toen we de bult naderden zagen we vijf kleine figuurtjes boven het water uitsteken. Het waren kajakkers die de bult hadden ingepikt als lunch- en rustplaats. Toen we aankwamen was er nog net plaats voor ons vijf. Uiteindelijk vertrokken de kajakkers en konden we nog even lunchen.
Omdat de wind inmiddels was toegenomen besloten we niet verder te gaan naar Zierikzee voor een heerlijke vissoep. Het eerste gedeelte van de tocht ging over de plaat. Doordat we weinig water onder de kiel hadden roeiden we in vlak water, tij mee en wind tegen met aan de horizon weer een zandbank. Daarna de oversteek naar de Roompot Marina, in de brede geul stonden door wind en stroming korte golven van 1 meter hoog. De Razende Bol en bemanning hielden zich prima.

In de haven lag de trailerhelling in de luwte te wachten. In de zon en wind konden alle natte hesjes, reddingsvesten en shirtjes lekker drogen. We namen afscheid met Fish and Chips in het restaurant dat inmiddels was schoongemaakt.

© 2020 Roeivereniging Dutch Coastal Rowing (DCR)